Onderbesteding Culemborg

Afgerond 7 oktober 2026

Samenvatting

De Rekenkamer Rivierenland heeft deelgenomen aan het landelijke onderzoek DoeMee 2025: Onderbesteding van de Vereniging van Rekenkamers. Het onderzoek richt zich op de vraag waarom gemeenten regelmatig positieve jaarrekeningresultaten realiseren, terwijl bij de begroting vaak sprake is van financiële krapte en moeilijke keuzes.

Belangrijkste conclusie: overschotten in de jaarrekening ontstaan meestal niet door te ruim begroten. Wel door hogere inkomsten dan verwacht; vertraagde uitvoering van projecten; beperkte uitvoeringscapaciteit; uitgestelde investeringen. Doordat extra rijksmiddelen pas in de loop van het jaar beschikbaar komen is er onvoldoende tijd om deze nog in hetzelfde jaar te besteden.

Het beeld voor Culemborg is vergelijkbaar met andere middelgrote gemeenten (M50-gemeenten). De gemeente heeft regelmatig te maken met verschillen tussen begroting en realisatie door aanvullende rijksmiddelen; vertragingen in grondexploitaties en investeringsprojecten; structurele onderbezetting van personeel. Ook blijkt dat lagere afschrijvingslasten wijzen op uitgestelde investeringen en dat de kosten voor jeugdhulp vaak hoger uitvallen, mede door het open-eindekarakter van deze regeling.

Advies aan de raad is om scherp te blijven sturen op de uitvoerbaarheid van plannen; de beschikbare personele capaciteit; realistische raming van inkomsten; voortgang van projecten. Zo wordt voorkomen dat keuzes worden gemaakt op basis van een te somber beeld van de financiële ruimte.

Centrale onderzoeksvraag

De centrale onderzoeksvraag van het landelijke DoeMee-onderzoek Onderbesteding luidt:

In hoeverre geeft de manier waarop gemeenten begroten voldoende inzicht in de verwachte baten en lasten, EN hoe kunnen structurele verschillen tussen begroting en jaarrekening worden verklaard en verminderd?

Voor de gemeente Culemborg is specifiek onderzocht waardoor positieve jaarrekeningresultaten ontstaan, welke rol onderbesteding, extra rijksmiddelen, personele capaciteit en vertragingen in projecten daarbij spelen, en welke mogelijkheden de gemeenteraad heeft om beter te sturen op realistische begrotingen en uitvoerbare plannen.